Het Ziekenhuisdieet

Nog steeds populair; Het ziekenhuisdieet.

Het ziekenhuisdieet is een gebaseerd op een voedingsschema wat gebruikt zou zijn in ziekenhuizen om patiënten die enig overgewicht hadden in korte tijd klaar te maken voor een operatie. Na verloop van tijd is het dieet ook populair geworden buiten het ziekenhuis.

Een echt crashdieet.

Er is sprake van een crashdieet als het aantal dagelijks ingenomen calorieën significant lager is dan de dagelijkse aanbevolen hoeveelheid van 2000 voor vrouwen of 2500 voor mannen (bron: Voedingscentrum).  Het ziekenhuisdieet verlaagt de calorieën inname naar slechts 1000 calorieën per dag. Doordat het lichaam niet genoeg energie uit de voeding kan halen, het mist 1000 tot 1500 calorieën, gaat het de rest halen uit het verbranden van vet en spieren. Hierdoor val je in korte tijd snel af. Theoretisch is er geen speld tussen te krijgen.

De Praktijk

Wie het ziekenhuisdieet in de praktijk heeft geprobeerd zal waarschijnlijk wel een aantal kilo zijn afgevallen. 3 tot 5 kilo gedurende de looptijd moet mogelijk is. Wil je deze kilo’s slechts tijdelijk kwijt, dan is dit wellicht een goed resultaat. Wil je dit resultaat langer vasthouden dan zal je waarschijnlijk een ander dieet moeten proberen, dit omdat bij het ziekenhuisdieet (en eigenlijk elk ander crashdieet) het jojo effect op de loer ligt.

JOJO Effect

Het JOJO effect is vernoemd naar de beweging van een jojo (op,neer,op,neer etc) en verwijst naar het verloop van het lichaamsgewicht over een langere periode. Een crashdieet heeft vaak tot gevolg dat er snel een aantal kilo wordt verloren, bijvoorbeeld 5 kilo in een week, maar dat er na 4 tot 6 weken van dit resultaat niets meer over is. Soms gebeurt het zelfs dat het resultaat na deze periode niet gemiddeld 0 is, maar dat er zelfs kilo’s zijn bijgekomen. Dit komt vooral doordat crashdieten geen blijvende verandering van het eetpatroon en gewoontes zijn en men dus toch wel snel terugvalt in het originele, ongezonde eetpatroon

Zoektermen:

  • mierikswortel afvallen

Informatie over Mineralen

Volgens deskundigen zijn er 16 essentiele mineralen. Ze hebben minstens een functie die van  belang is voor het leven, de groei of voor de voortplanting. Van mineralen als calcium, magnesium, natrium en kalium heeft de mens relatief grote hoeveelheden nodig. Van andere mineralen zoals ijzer en zink heeft het lichaam kleineren hoeveelheden nodig.

Daarnaast zijn er nog mineralen waar het lichaam slechts een (zeer) kleine hoeveelheid van nodig heeft. De benodigde hoeveelheid selenium, magnesium en jodium is zo klein dat men van ‘sporenelementen’ spreekt.
De hoeveelheid mineralen die in de voeding voorkomt, hangt af van de samenstelling van de grond waarop de gewassen worden verbouwd of waarop het slachtvee wordt geweid. De hoeveelheid mineralen die het lichaam kan opnemen, wordt beïnvloed door bepaalde voedingsstoffen. Calcium bijvoorbeeld wordt alleen opgenomen met behulp van Vitamine D. Voedingsmiddelen die vitamine C bevatten, helpen bij de opname van ijzer. Andere componenten zoals tannine (in thee) of fytinezuur (in zilvervliesrijst) kunnen de opname van calcium, ijzer en zink remmen.
Gerekend over korte perioden houdt het lichaam zijn eigen mineralenbalans in stand. Als de voeding te weinig mineralen bevat, spreekt het de voorraden aan die in de spieren, lever en zelfs in de botten zijn opgeslagen. Als iemand te veel mineralen binnenkrijgt, wordt het overschot meestal uitgescheiden, zodat het lichaam er geen nadeel van ondervindt. Toch kan op lange termijn een teveel aan mineralen schadelijk zijn.

Calcium 
Belangrijkste voedingsbron: Melk en zuivelproducten.
Rol in het lichaam: Opbouw en onderhoud van skelet; essentieel voor overbrenging zenuwpulsen en spierfuncties.

Chloor
Belangrijkste voedingsbron: Keukenzout (natriumchloride)
Rol in het lichaam: handhaaft de balans van het vocht en de elektrolyten in het lichaam.

Fosfor
Belangrijkste voedingsbron: in alle dierlijke en plantaardige eiwitten.
Rol in het lichaam: Helpt bij de opbouw en onderhoud van een gezond skelet; nodig voor het vrijmaken van energie in cellen.

Kalium
Belangrijkste voedingsbron: Avocado’s, verse en gedroogde vruchten, zaden, noten
Rol in het lichaam: Zorgt samen met natrium voor de balans van het lichaamsvocht en elektrolyten.

Magnesium
Belangrijkste voedingsbron: Volkorenproducten, peulvruchten, gedroogde vijgen
Rol in het lichaam: Belangrijk bestanddeel van skelet en voor de spiercontractie.

Natrium
Belangrijkste voedingsbron: Keukenzout, kaas, vleesproducten en gistextracten.
Rol in het lichaam: Reguleert samen met kalium de vochtbalans; essentieel voor het functioneren van de spieren.

Chroom 
Belangrijkste voedingsbron: Rood vlees en lever schaal- en schelpdieren
Rol in het lichaam: Belangrijk voor de regulering van de bloedsuiker- en cholesterolspiegel.

Fluor
Belangrijkste voedingsbron: Tandpasta en thee
Rol in het lichaam: Beschermt tegen tandbederf.

IJzer
Belangrijkste voedingsbron: Orgaanvlees, mager vlees, sardines en eigeel.
Rol in het lichaam: Essentieel bestanddeel van hemoglobine en een groot aantal stofwisselings enzymen.

Jodium
Belangrijkste voedingsbron: Zeewier, schaal en schelpdieren.
Rol in het lichaam: Essentieel bestanddeel van het schildklierhormoon.

Koper
Belangrijkste voedingsbron: Orgaanvlees, oesters, noten en zaden.
Rol in het lichaam: Nodig voor de groei van botten en bindweefsel. Aanwezig in enzymen die het lichaam beschermen tegen vrije radicalen.

Mangaan
Belangrijkste voedingsbron: Noten, graanproducten, peulvruchten en volkorenbrood.
Rol in het lichaam: Essentieel bestanddeel van verschillende enzymen die betrokken zijn bij de energieproductie

Molybeen
Belangrijkste voedingsbron: Orgaanvlees, gist, peulvruchten, volkorenproducten.
Rol in het lichaam: Essentieel bestanddeel van enzymen die betrokken zijn bij de productie van DNA en RNA.

Selenium
Belangrijkste voedingsbron: Vlees en vis, boter en paranoten.
Rol in het lichaam: Antioxidant.

Zink
Belangrijkste voedingsbron: Oesters, rood vlees, pinda’s en zonnepitten.
Rol in het lichaam: Essentieel voor een normale groei, voortplanting en immuniteit.

Zwavel
Belangrijkste voedingsbron: Dierlijke en plantaardige eiwitten.
Rol in het lichaam: Bestanddeel van twee essentiële aminozuren die bijdragen aan de vorming van vele eiwitten in het lichaam.

Informatie over Vitamines

Het lichaam is niet in staat om de meeste vitaminen zelf aan te maken en daarom vormen ze een belangrijk onderdeel van onze voeding. Elke vitamine heeft een specifieke taak. Een vitaminetekort kan ernstige aandoeningen veroorzaken.

Twee soorten vitaminen
Er zijn twee soorten vitaminen: de wateroplosbare en de vetoplosbare vitaminen. Tot de laatste groep behoren de vitaminen A, D, E en K. Deze worden niet met de urine uitgescheiden, dat betekent dat overmatig gebruik gevaar voor de gezondheid kan opleveren. De acht vitaminen uit de B-groep en vitamine C zijn wateroplosbaar en worden – met uitzondering van vitamine B12 – niet in het lichaam opgeslagen.

Vitamine A
Belangrijke voedingsbron: Lever, vette vis, eigeel, boter, kaas
Rol in het lichaam: Essentieel voor groei, celontwikkeling, gezichtsvermogen en immuun- stelsel.

Vitamine C
Belangrijke voedingsbron: Vruchten en groenten
Rol in het lichaam: Nodig voor de aanmaak van collageen en neurotransmitters zoals noradrenaline en serotine. Belangrijk antioxidant.

Vitamine B1
Belangrijke voedingsbron: Varkensvlees, lever, nieren, hart, aardappelen.
Rol in het lichaam: Nodig bij de omzetting van koolhydraten en vetten in energie.

Vitamine B2
Belangrijke voedingsbron: Melk, yoghurt, eieren, vlees, gevogelte, vis.
Rol in het lichaam: Nodig bij de omzetting van voedsel in energie en voor de werking van vitamine B6 en niacine.

Vitamine B6
Belangrijke voedingsbron: Mager vlees, gevogelte, vis, eieren, volkorenproducten.
Rol in het lichaam: Helpt bij de vrijmaking van energie uit eiwitten.

Vitamine B12
Belangrijke voedingsbron: Vlees, gevogelte, vis, eieren, en zuivelproducten.
Rol in het lichaam: Essentieel voor de vorming van DNA en RNA en celdeling.

Vitamine D
Belangrijke voedingsbron: Visolie, eieren, tonijn, zalm, sardines.
Rol in het lichaam: Bij de blootstelling aan zonlicht wordt voldoende vitamine D aangemaakt.

Vitamine E
Belangrijke voedingsbron: Plantaardige olie, tarwekiemen, noten, zaden.
Rol in het lichaam: Voorkomt oxidatie door vrije radicalen van meervoudig onverzadigde vetzuren.

Vitamine K
Belangrijke voedingsbron: Groene bladgroenten, vooral groene kool en broccoli.
Rol in het lichaam: Essentieel voor de vorming van bepaalde eiwitten en voor de normale stolling van het bloed.

Niacine
Belangrijke voedingsbron: Mager vlees, gevogelte, peulvruchten, aardappelen
Rol in het lichaam: Nodig voor de energieproductie in cellen en voor de vorming van neurotransmitters.

Pantotheenzuur
Belangrijke voedingsbron: In alle dierlijke en plantaardige voeding
Rol in het lichaam: Helpt bij de vrijmaking van energie uit voedsel.

Biotine
Belangrijke voedingsbron: In alle voedingsmiddelen.
Rol in het lichaam: Nodig voor de omzetting van voedsel in energie en de synthese van cholesterol en vet.

Foliumzuur
Belangrijke voedingsbron: Groene bladgroente, lever, spruitjes, peulvruchten
Rol in het lichaam: Nodig voor de celdeling en de vorming van DNA, RNA en eiwitten in het lichaam.